Polaroid: het sfumato van de verbeelding
Vakantie is alleen maar een alibi om met m’n Polaroid te prutsen. Prutsen, want het is trial en vooral error. Met de jaren wel steeds minder error. Voor de geeks: ik heb een SX-70 Alpha 1 model 2 uit 1977. Dat is nog zo een die je openklapt.
De grootste troef van polaroid is de beperking. Zeker op reis: je wordt gedwongen je fotomomenten terug te brengen tot een zestiental, want cassettes (met acht blaadjes) zijn gepeperd. En dus begint het tobben: dit Griekse amfitheater of toch het Romeinse wat verderop? Etna bij zonsopgang of -ondergang? Mét geliefden of puur natuur? Portret of uitgezoomd? Actiefoto in het zwembad, met bijna zekerheid dat ie mislukt, of de dochters vragen bewegingsloos te poseren, stramme kaken van het lachen?
Bij gebrek aan ‘automatische stand’, zijn er ook technische vragen: Waar staat de zon en nijpt ze de ogen van de geportretteerde niet dicht? Diafragma helemaal open of flits gebruiken (een lampje dat kapotspringt)? Scherpstellen op het subject of op de omgeving?
En na al dat gepeins - waardoor het momént voorbij dreigt te gaan - is de verlossing des te groter: gezzzzzzzzzzz! In die twee seconden reageert het licht met een sandwich van chemische stoffen, met namen als zilverbromide, hydroquinone, potassiumthiosulfaat en potassiumhydroxide. Sommige zitten in de brede witte rand van het papier en worden bij het naar buiten komen over de film gesmeerd. Ze werken als een donkere kamer. Geniale vondst van Edwin Land.
Het duurt minstens een half uur voor het beeld helemaal is doorgekomen. Dat wachten, dat uitgestelde genot! Na tien minuten kun je het niet laten. De oorspronkelijk egaalblauwe foto al vorm zien krijgen. ‘Het wordt een goeie!’ - ‘Hmmm, mislukt…’.
Neppe nostalgie?
“Fake nostalgie”, reageerde voormalig collega Senne op deze reeks polaroids van onze rondreis op Sicilië. Hij gooide er nog een knipoog-smiley achteraan, om zijn uitspraak te verzachten, maar de knuppel lag in het hoenderhok. Is polaroid een nep verlangen naar vroeger? Goeie vraag.
Als hij bedoelt: de vermarkting en verhyping van old-school gebruiksvoorwerpen, zoals ook vinyl, dan kan ik hem voor een stuk gelijk geven. Bedoelt hij: de polaroidkleuren zijn onrealistisch en maken van je foto’s anachronismen - alsof ze meer dan veertig jaar geleden zijn genomen - dan neem ik de handdoek op.
Sfumato
Ik ben nostalgisch geboren, rijd op de brandstof van het verleden. Reizen is de tank vullen met nostalgie voor later. Thuisblijven is dat evengoed.
Als ik aan vroeger denk, is dat in het sfumato zoals van een polaroid. Niet drieduizend pixels breed en haarscherp. Digitale foto’s zijn vaak te echt, te in-your-face. De lichte waas in polaroids is het aanmaakhout voor waar het uiteindelijk om gaat: verbeelding. Geef mij dus maar één mislukte, troebele polaroid van een rokende Etna in de avondzon, om de hele weg naar de vuurspuwer opnieuw te doen, en me opnieuw machtig én nietig te voelen daarboven, aan de vernietigende mond van Sicilië.
Of om het met Pessoa in Het boek der rusteloosheid te zeggen: “Het leven is wat wij ervan maken. De reizen zijn de reizigers. Wat we zien, is niet wat we zien, maar wat we zijn.”

Van links naar rechts: Alpha 1 Model 2 (1977), OneStep (1978), Sun 660 Autofocus (1981), Polaroid P (1996)
Update
Een van mijn polaroids is de hoes van de nieuwe plaat van Flying Horseman geworden: Mothership. Maak mij niet wakker.